donderdag 14 oktober 2010

Belastinginspecteur moet zich matigen

Na vier jaar parlementaire behandeling wordt het speelveld tussen fiscus en belastingplichtige vlakker. Door de inspanningen van VVD-kamerlid Ineke Dezentjé Hamming zullen belastinginspecteurs zich voortaan hoeden voor het overmatig opvragen van informatie bij bedrijven en particulieren.
Aanstaande dinsdag stemt een ruime meerderheid van de Tweede Kamer in met het voorstel van Ineke Dezentjé Hamming-Bluemink en Ed Groot(PvdA) om de informatiezucht van belastinginspecteurs aan banden te leggen en de rechtsbescherming van belastingplichtigen te verbeteren. Daarmee is een van de grootste ergernissen van vooral het midden-en kleinbedrijf binnenkort verleden tijd. Vijf vragen aan de initiatiefneemster.

Waarom was er behoefte aan dit wetsvoorstel?
'Vanuit het bedrijfsleven en de belastingadviespraktijk werd steen en been geklaagd over de soms ongebreidelde informatiebehoefte van de fiscus. Ik geef twee voorbeelden. Een ondernemer moet zijn correspondentie met zijn Franse dochteronderneming overleggen aan de inspecteur en die eist dat dit wordt vertaald in het Nederlands. In een ander geval moest een bedrijf alle inkomende en uitgaande email van de afgelopen vijf jaar binnen zes weken overhandigen. Dat gaat verder dan de wet vereist.'

Een belastingplichtige kan daartegen toch bezwaar maken?
' Nee, dat kan onder de huidige wetgeving niet. Bij weigering om de gevraagde informatie te leveren is de ondernemer in beginsel strafbaar. Belangrijk is dat de bewijslast wordt omgekeerd. In die situatie kan de inspecteur een zeer hoge aanslag opleggen waarna de ondernemer overtuigend moet bewijzen dat die niet klopt. Dat lukt in de praktijk bijna nooit.'

Dus stelde u voor om de mogelijkheid tot het maken van bezwaar hiertegen wel in te bouwen?
'Ja, die mogelijkheid wilden wij opnemen in de wet, maar dat stuitte op grote weerstand bij het ministerie van Financiën. Dat voorzag een golf van bezwaarschriften en rechtszaken waardoor Belastingdienst en rechtbanken in de knel kwamen. De extra jaarlijkse uitvoeringskosten van ons oorspronkelijke voorstel zouden volgens Financiën €38 mln bedragen. Daarvoor was geen dekking en de toenmalige staatssecretaris Jan Kees de Jager ontraadde het wetsvoorstel. Wij waren daar veel minder bang voor omdat ondernemers wel iets anders te doen hebben dan bezwaar te maken en procedures te voeren. Maar goed,we zijn vervolgens in overleg gegaan met het ministerie en de Belastingdienst en daar is dit compromis uit gerold. '

Het huidige compromisvoorstel heeft wel de steun van de minister. Wat is er veranderd ten opzichte van het origineel?

'In het eerste voorstel kon de belastingplichtige de inspecteur te verzoeken om een zogeheten voor bezwaar vatbare beschikking af te geven. Het initiatief lag in dat geval bij de belastingplichtige. In het aangepaste wetsvoorstel is dat veranderd. Als de belastingplichtige in de ogen van de inspecteur onvolledig of niet-tijdig informatie geeft, kan de inspecteur een voor bezwaar vatbare beschikking afgeven. Hiermee komt dus het initiatief bij de inspecteur te liggen. Doet hij dat niet, dan verliest hij de mogelijkheid om de bewijslast om te keren. Daarmee heeft de Belastingdienst zelf in de hand hoeveel bezwaarprocedures hij over zich afroept. Daardoor zullen de uitvoeringskosten sterk dalen. De raming is nu dat dit circa €4 mln aan extra kosten oplevert, waarvan de helft bij de Belastingdienst en de andere helft bij de rechtbanken. De minister vindt die kosten te overzien. '

Wanneer worden de nieuwe maatregelen van kracht?

´Na goedkeuring door de Tweede Kamer moet ook de Eerste Kamer nog groen licht geven. Daarna zal de Belastingdienst het moeten invoeren. We mikken op medio 2011. Dat het proces zo lang heeft geduurd, heeft te maken met de complexiteit van de materie. Ook de bankencrisis heeft de behandeling ervan in de Kamer doorkruist. Al met al ben ik blij dat belastingplichtigen en fiscus nu over gelijke wapens beschikken. ´

Copyright (c) 2010 Het Financieele Dagblad