Veel directeuren-grootaandeelhouders regelen hun pensioenrechten in eigen beheer. Dat kan bij de werkgever-BV zijn; maar ook een andere BV, bijvoorbeeld een pensioen-BV, kan als uitvoerder optreden. Wat staat er op stapel?
Pensioen in aparte BV
Als het pensioen van de directeur-grootaandeelhouder (DGA) is ondergebracht in een aparte BV (en de werkgever dus een andere BV is dan de uitvoerder van de pensioenregeling), is de werkgever jaarlijks een premie aan de uitvoerende BV verschuldigd.
Financieringsovereenkomst. De hoogte van die premie dient zakelijk te worden berekend overeenkomstig de in een financieringsovereenkomst vastgelegde afspraken.
Hoogte pensioenpremie
De hoogte van de premie wordt met name beïnvloed door de rente waarmee wordt gerekend bij het vaststellen van het benodigde pensioenvermogen, alsmede door de indexatie van de toekomstige uitkeringen.
Rekenrente. In het verleden werd bij het bepalen van de hoogte van de rente vrijwel altijd uitgegaan van een rente van 4%. Een aantal jaren geleden heeft de Belastingdienst - naar aanleiding van rechtspraak van de Hoge Raad - aangegeven dat dit niet langer mag. Let op. Voortaan moet gerekend worden met een (op dit moment: lagere) marktrente voor langlopende leningen.
Indexatie. Wat betreft de indexatie is aangegeven dat uitgegaan mag worden van een vaste indexatie van 2% per jaar.
In de praktijk betekent een en ander dat de pensioenpremie omhooggaat. Dat verlaagt de winst van de werkgever ten gunste van het vermogen van de pensioen-BV. Dat lijkt - met het oog op uw oudedag - zelfs gunstig.
Let op. De indexatie van pensioen heeft overigens nog andere - meer vervelende - gevolgen.
Voor zover de premie ziet op de indexatielast, is die fiscaal namelijk niet direct aftrekbaar, maar pas in het jaar van betaling van de indexatie. Dat vereist een aparte administratie.
Maken de werkgever-BV en de pensioen-BV deel uit van één fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, dan lijkt een en ander niet direct van belang. Dat kan echter met name anders worden bij een toekomstige verbreking van de fiscale eenheid. Het kan dus ook in die situatie raadzaam zijn om over te gaan tot herziening van de gemaakte financieringsafspraken.
Herziening financieringsovereenkomst
Vóór eind van dit jaar. Destijds is goedgekeurd dat bestaande schriftelijke financieringsovereenkomsten ongewijzigd kunnen worden voortgezet tot uiterlijk 31 december 2010. Deze datum nadert snel. Voor zover dit nog niet is gebeurd, moet dit dus nu bekeken worden.
Daarbij kunnen in ieder geval de volgende mogelijkheden overwogen worden.
Nieuwe financieringsovereenkomst. Allereerst kan een nieuwe financieringsovereenkomst worden opgesteld, waarbij de rekenrente en de vaste indexatie opnieuw worden vastgesteld.
Indexatiebepaling schrappen. U zou ook kunnen overwegen om de indexatiebepaling in uw pensioenovereenkomst te schrappen.
Pensioen bij werkgever. Deze problematiek kan ook worden voorkomen door de werkgever-BV (weer) als pensioenuitvoerder op te laten treden.
Pensioen bij verzekeringsmaatschappij. U kunt zelfs overwegen om de pensioenverplichting onder te brengen bij een professionele verzekeringsmaatschappij.
Als uw pensioen is ondergebracht in een aparte pensioen-BV, moet de financieringsovereenkomst met deze BV vóór 31 december a.s. zijn aangepast aan de nieuwe regels voor de berekening van uw pensioenvermogen.
Bron: Tips & Advies Belastingen
http://lite.indicator.nl/belastingen/article.php?nlid=NLTABTAR_EU151304&src=recent&v=15&i=13
Geen opmerkingen:
Een reactie posten